Holiekaa dahan Featured

woensdag, 12 maart 2014 00:00 Written by  Published in Hoogtijdagen Read 12243 times

Dit is de vooravond van het Holie-feest, waarbij de op Wasant panchhamie opgerichte brandstapel onder begeleiding van een panddiet (hindoe-priester) wordt aangestoken. Binnen de brandstapel bevindt een plantje dat het kwaad symboliseert.

Om de vraag te beantwoorden wie Holikaa was, gaan we vele eeuwen terug naar het verhaal van Prahlaad. Koning Hieranyakashap was een ambitieuze heerser die streefde naar absolute macht. Hij wilde aanbeden worden als een god. Toen dit bekend werd weigerde zijn eigen zoon Prahlaad om zijn vader te gehoorzamen. Prahlaad was een erg toegewijde devoot van god Wiesjnoe en was niet van plan om iemand anders te aanbidden. De trotse koning was woedend over dit gedrag en besloot Prahlaad hier zwaar voor te laten straffen. Hij schakelde zijn manschap in om Prahlaad door middel van pijniging op andere gedachten te brengen.

Prahlaad kreeg met vele soorten martelingen te maken; oplopend van licht naar zwaar. Stokslagen, van de berg afduwen en door giftige slangen laten bijten, zijn maar enkele voorbeelden van de gruwelijkheden. Maar wie de bescherming van god zelf geniet hoeft natuurlijk voor niets te vrezen. Prahlaad werd telkens door god Wiesjnnoe gered en kwam ongedeerd uit elke beproeving.

Ten einde raad vroeg koning Hieranyakashap zijn zuster Holiekaa om hulp. Deze had de gave niet verbrand te worden door vuur. De bedoeling was dat Holiekaa samen met Prahlaad op een brandstapel zou gaan zitten, zodat het vuur Prahlaad het leven zou ontnemen. Holiekaa stemde toe en ging op een brandstapel zitten met Prahlaad op haar schoot. Toen de stapel echter aangestoken werd, reikte god Wiesjnoe nogmaals zijn beschermende hand aan Prahlaad. Hij maakte Prahlaad immuun voor vuur en liet Holiekaa in de vlammen opgaan. Hiermee werd het kwaad bestraft en het goede beloond. In het licht van deze gebeurtenis wordt nog steeds brandstapels op Holiekaa dahan verbrand.

More in this category: « Holie